Une Chance de la France

CHAMBRES D’HÔTES, CABANE, MINI-CAMPING & TABLE D’HÔTES IN DE FRANSE ARDENNEN....

Stand van zaken

Bij ‘De stand van zaken’ kun je lezen hoe het ons vergaat in Le Tambourin. Het eerste deel, vanaf de zoektocht naar een huis tot en met het draaien van de chambre d’hôtes is, voor de liefhebber, opvraagbaar als verslag met de titel ‘Afslag Noord-Frankrijk’. Het tweede deel, vanaf februari 2017, is te lezen op deze site.

Maart 2018

Het voordeel van aankomen in Le Tambourin in deze tijd van het jaar is: het bier staat lekker koud! Het nadeel is: de rest ook. Als ik snel de houtkachel in de woonkamer aansteek zie ik dat het 1,1 ⁰C is. Da’s best fris voor binnen. Maar het zonnetje schijnt en we doen meteen de luiken open, dus dat warmt ook wat door. We hebben een voorspoedige rit achter de rug met de eend, waarbij we ons wel warm aangekleed hadden. Inclusief mutsen, handschoenen en sjaals. Na de gebruikelijke inspectie gaan we het sanitairgebouwtje bekijken. Arnoud heeft niet stilgezeten: al het leidingwerk is geïnstalleerd, inclusief een nieuwe stroomgroep. Ook de toiletten en douchebakken zijn geplaatst en de doucheruimtes zijn betegeld. Aan ons nu de taak het laatste schilderwerk te doen en alles goed schoon te maken. We zijn heel blij met het resultaat. Ik ga aan het begin van de week starten met het afmaken van de elektra in de cabane. De lampjes worden opgehangen en de stopcontacten gemonteerd. ’s Middags brengen we Jacques een fles kruidenbitter (goed te doen met dit weer) en rijden we naar Mon Idee om, in dit geval, spullen te brengen. We leveren bij de kringloopwinkel een paar dozen kleding in, maar Monique komt natuurlijk toch weer met een stapel gebloemde bordjes naar buiten. Tot en met woensdag is het ’s nachts bitterkoud en schijnt overdag het zonnetje. En in de zon en uit de wind is het heerlijk. We rijden voor wat spullen naar de Brico en doen boodschappen bij de Carrefour. Inmiddels is de cabane zover af dat het interieur op de foto kan. Belangrijk voor de site: potentiële gasten willen toch graag zien hoe e.e.a. er van binnen uitziet. We vinden het zelf erg knus… Donderdagochtend komt Audrey langs, een dame waar we contact mee hebben i.v.m. de toeristenbelasting. Vanaf dit jaar wordt dat in onze regio geheven en besteed aan promotie van de streek. Goede zaak waar we graag aan meewerken. Audrey heeft een hele stapel toeristische informatie bij zich en legt ons uit hoe de site werkt waarop wij aan moeten geven hoeveel gasten we per nacht hebben. Na het bezichtigen van de kamers vertrekt ze weer. Omdat het nog steeds behoorlijk vriest (het is nu bewolkt) kunnen we een aantal werkzaamheden, zoals schilderen, niet doen. Wat we wel kunnen doen is snoeien, dus bewapend met een takkenschaar en een kettingzaag gaan we aan de slag. Van snoeien krijg je het lekker warm, dus dat treft. Als we ’s avonds, voor de houtkachel, van de weerman op de tv horen dat de metrologische lente is begonnen vragen we ons af waar? Wij kunnen in ieder geval niet wachten……!

Januari 2018

Als we op ‘derde Kerstdag’ aankomen in Le Tambourin zien we door de kale bomen onze buitenlamp branden. Omdat we altijd de stroom eraf halen als we er niet zijn betekend dat dat Arnoud, onze Franse werkman, aan het werk is. En inderdaad, de poort staat open en het witte autootje van Arnoud staat op het terrein. We laten de honden uit de auto en lijnen Thor maar even aan. De werklui hebben het niet zo op honden.. Er wordt gewerkt aan het sanitairgebouwtje en we gaan even gedag zeggen en polshoogte nemen. Arnoud heeft zijn vaste werkmaat en diens zoontje erbij. Ze schieten lekker op: de wandjes staan en de douchebakken zijn geplaatst. We starten de ‘openingsprocedure’: water erop, luiken openen en de auto leeghalen. Het is inmiddels donker als Arnoud vertrekt. Er wordt ons uitgelegd dat er nog een dikke kabel gekocht moet worden om het sanitairgebouwtje van stroom te voorzien. De volgende dag slapen we heerlijk uit en gaan boodschappen doen. Ook de kabel wordt, met het briefje van Arnoud in de hand, gekocht. Het is weer degelijk spul, gezien de dikte van de kabel kun je naar mijn mening hier heel Schiphol mee van stroom voorzien. ’s Middags zijn we buiten bezig. O.a. met het ophangen van wat kerstverlichting. En met het opruimen van de bladeren die op het grind en het parkeerterreintje liggen. Dat doen we met een bladblazer. Nou is een bladblazer zo’n apparaat waarvan ik altijd dacht: ‘wat een onzin’. Je pakt toch gewoon een hark. Dat dacht ik trouwens ook bij een afwasmachine: je pakt toch gewoon een teil en een borstel. Dat laatste apparaat wil ik nooit meer kwijt (altijd een schoon aanrecht…) maar deze bladblazer is ook goud waard. Voor € 7,50 gekocht bij een meneer die zei: ‘Hij blaast als de brandweer!’. En dat klopt. Het is een enorm rood apparaat met een uitschuifbate tuit. 2500 watt. En hij doet het als de brandweer. Hij blaast de natte bladeren keurig op een hoop. Als het donker wordt stoppen we ermee. De volgende ochtend maken we, in een soort van sneeuwstorm de klus af. Meda en Mitzi zijn weer op muizenjacht. In de sneeuw zie je de muizen goed lopen. Beide vangen er één. Als ik ’s middags met Meda in de garage sta begint ze te kotsen. Waar ik al bang voor was gebeurt: de muis komt er onverteerd weer uit. Fijn opruimklusje… Vandaag komen de gasten! Maar als ik iets te laat m’n warme bedje uitkom staat Arnoud voor de poort. Hij zou de vorige dag komen maar vanwege de sneeuw ging dat niet door. Op een nuchtere maag ga ik hem helpen met het doortrekken van de elektrakabel. Er wordt nog wat in het sanitairgebouwtje gerommeld en we maken een boodschappenlijstje voor de Brico. We wensen elkaar een goede jaarwisseling en om half twaalf zit ik aan m’n schaaltje yoghurt met muesli. In de namiddag arriveren de eerste gasten. Als die geïnstalleerd zijn gaan we gezellig wat drinken, in afwachting van de laatste gasten. Die, blijkt uit hun mail, komen rond zes uur aan. En dat klopt. Het is inmiddels echter wel donker en het hoost. De gasten staan druipend voor ons neus. Ik loop mee en ze zetten de auto voor het huis. Als de achterklep open gaat zie ik drie paar hondenogen me verwachtingsvol aankijken. Op de achterbank zitten ook nog drie honden. We gaan eerst naar binnen om kennis te maken en overleggen hoe we de kennismaking van de honden zullen doen. Buiten is met dit weer geen optie. Uiteindelijk laten we de ‘nieuwe’ honden één voor één de huiskamer in. En dat gaat boven verwachting goed. Als we later aan de maaltijd zitten liggen Fenna, Kwiebus, Guusje, Tup, Kiki, Nola, Ginny, Timo, Casey en Spark heerlijk in een mandje of onder de eettafel. Onze eigen Meda, Thor, Mitzi en Jones laten we lekker rustig, met het kacheltje en de televisie aan, in de serre. Die passen er echt niet meer bij…. De volgende dag, als iedereen uitgeslapen en ontbeten heeft, gaan we naar buiten. Prachtig om te zien hoe zoveel honden het prima met elkaar kunnen vinden. Omdat het weer niet meezit (veel regen) wordt er binnen lekker geluierd. Voor de mensen en honden die zich wel buiten wagen hangen er hondenhanddoeken aan de trap. Al snel dienen de eerste technische storingen zich aan: de gasten die boven verblijven hebben geen warm water. En in één kamer doet het kacheltje het niet. Het eerste probleem is snel opgelost (leiding ontluchten) en bij het kacheltje biedt een lucifer (i.p.v. de eigen ontsteking) uitkomst. Het worden gezellige dagen met veel gesprekken, eten en drinken. Op oudejaarsdag bakt Monique oliebollen waar we weer een deel van naar de bakker in het dorp en naar Jacques, de buurman, brengen. Van Jacques krijgen we wafeltjes en uitleg over de kachel (poêle) waarop die gebakken worden: een echte Godin. 100 jaar oud, gemaakt in Guise en nog van zijn oma. ’s Avonds wordt er een tamelijk ingewikkeld kaartspel gespeeld (iets met monster, dwergen en elfen) en om twaalf uur proosten we met Champagne en oliebollen. Buiten is het muisstil…. Op nieuwjaarsdag serveren we een brunch. Als één van de gasten daarna gaat douchen horen we opeens een gil: ‘Monique!!’ Ik ken de toon van deze kreet, dat heeft meestal met water te maken. En ja hoor, als Monique gaat kijken wat er aan de hand is hoor ik: ‘Branko, dit is niet goed….’. Het water in de douchebak is omhoog gekomen en stroomt over de rand het badkamertje in. Gasten die boven aan het douchen zijn krijgen het dringende verzoek daarmee direct te stoppen. De boel zit verstopt…… Monique gaat binnen dweilen en ik ga met springveren en de tuinslang aan de slag. In de stromende regen schroef ik de deksel van de septiquetank en probeer de leiding weer gangbaar te krijgen. Net als we op het punt staan om Arnoud te bellen lukt het de laatste prop toiletpapier te verwijderen en stroomt alles weer door. Ondanks alles hebben we inmiddels van alle drie de ‘kamers’ begrepen dat ze volgend jaar weer willen komen. Wat een luxe, het Oliebollenarrangement 2018 is dus direct alweer uitverkocht. Op dinsdagochtend nemen we afscheid van de gasten en de honden. Het was super! Als de laatste auto uit het zicht verdwijnt lezen we de lieve recensies in het gastenboek en gaan we alvast een beetje opruimen. Met natuurlijk een storing: de wasdroger geeft aan dat het waterreservoir vol is terwijl er geen druppel in zit. Met een tandenstoker zet ik een knopje vast en de droger kan weer verder. Op woensdag gaan we naar de déchèterie in Liart en de Brico in Charleville. Omdat de honden nogal sloperig zijn als we weggaan doen we Meda in de serre, Mitzi en Jones in de woonkamer en Thor in de keuken en gang. We rijden heerlijk door het Franse land en genieten. Met een auto vol tegels, tegellijm, balkjes, profielen, pvc en deurbeslag rijden we terug. Als we de voordeur openen is het stil. Geen Thor. Monique kijkt naar boven maar ook daar zien en horen we niets. Dit is vreemd. We openen de woonkamerdeur en de kleintjes komen direct op ons af. We checken de slaapkamer en kamer 1 maar nog steeds geen spoor van Thor. Als ik echter de deur van de bijkeuken open zit Thor daarachter. Een klapstoel en een hondenkussen zijn volledig gesloopt. Waarschijnlijk is hij vanuit de keuken tegen de deur gesprongen en is, toen hij in de bijkeuken was de deur weer dichtgevallen. Maar goed hij is terecht. Nadat ook Meda weer bevrijd is gaan we puinruimen. Vandaag gebruiken we om het huis weer aan kant te krijgen. Voor zover dat lukt want het terrein is inmiddels veranderd in één grote modderpoel. En alles loopt in. Het blijft maar regenen. Het normaal zo rustig kabbelende beekje is veranderd in een woeste rivier en de weilanden zijn veranderd in meren. Het water brengt veel schade toe: het ateliertje van Monique is drijfnat (inclusief laminaat) en in de caravan staat het houten vloertje bol. Ook binnen in het huis is alles vochtig en droogt er niets meer. Wat is water toch verschrikkelijk spul. ’s Middags roept Monique enthousiast: hé het is droog! Snel pak ik de ladder om op het dak de goten extra schoon te maken. Net als de ladder staat barst er een wolkbreuk los. ’s Avonds, voor de kachel, blikken we terug op een nat, maar beregezellig, Oud & Nieuw. En dromen we vast van een droge en zonnige lente…….

December 2017

Ik lig nog wat na te soezen in bed (het is zondagochtend) terwijl Monique al op is. Als ze met de honden de slaapkamer verlaat hoor ik een kreet. Meteen denk ik aan lekkage. De keuken staat vast blank. Maar snel daarna hoor ik: ‘het is helemaal wit!’ Het is een heerlijk weekend in Le Tambourin. Maar het lange ondergoed en de elektrische deken zijn weer uit de kast gehaald. Het is erg koud en het heeft dus flink gesneeuwd, afgelopen nacht. Voor Thor en Meda een nieuwe ervaring. Ze krijgen het op hun heupen en rennen rondjes om het huis. Ze genieten volop en wij ook. Meda blijft de hele dag buiten en vangt weer een muis. Er staan diverse klussen op ons lijstje dus na het ontbijt gaan we aan de slag. Gisteren is Arnoud langs geweest, met een elektricien. We hebben de vorderingen in het sanitairgebouwtje bekeken (de vloer is betegeld en de deuren en het wandje voor de toiletten staan er) en overleggen over het aanleggen van de elektra. Ook bekijken we de boom (nu kaal) die te dicht op de elektrakabel van de EDF staat. Arnoud gaat er voor zorgen dat de boom, voordat ie weer vol met blad zit, gesnoeid wordt. I.v.m. de nachtvorst tappen we op zolder de waterleiding zorgvuldig af. We hebben geleerd van het verleden…. We monteren een traphekje tussen de keuken en de gang (om te voorkomen dat Thor de gang in stormt als er gasten binnenkomen) en we halen vast de decoratie voor het komende ‘Oliebollenarrangement’ tevoorschijn. Met Oud & Nieuw zitten we volgeboekt met gasten waarvan de honden bang zijn voor vuurwerk. Daar zien we naar uit. Ook om samen met gasten het succesvolle jaar 2017 af te sluiten en vooruit te blikken naar 2018. Een jaar waarin we de ‘cabane’ (trekkershut) en de mini-camping in gebruik gaan nemen. Weer een nieuwe uitdaging. Ook hebben we ons inmiddels, met een pak stroopwafels in de hand, aangemeld bij de gemeente. Omdat we de enige chambre d’hôtes in Rumigny zijn was het even zoeken naar het juiste formulier. Maar uiteindelijk hebben we dat via de mail ontvangen. Vanuit het secretariaat in Maubert Fontaine krijgen we een uitnodiging om een bijeenkomst over  toeristenbelasting bij te wonen. Helaas lukt dat niet. Maar we zitten dus wel in de molen…. Na de zondagochtendkoffie maken we een mooie wandeling door de sneeuw. Aan de bosrand zien we, in het kale en witte bos, een hertje staan. Ook in de winter is het hier prachtig!

Augustus 2017

Rotterdam…..? Maar ik sta op vliegveld Eindhoven! Het gaat niet helemaal goed met het ophalen van onze ingevlogen geadopteerde Podenco ‘Meda’. Meda komt uit Spanje en ik sta dus op het verkeerde vliegveld. Het is het weekend voor de zomervakantie. Na intensief contact en overleg met de stichting ‘Podencoworld’ mogen we Meda adopteren. Ik haast me naar het parkeerterrein waar net een rij met gebruinde vakantiegangers voor de enige parkeerautomaat staat. Na een kwartier wachten mag ik € 12,- euro afrekenen en kan ik op weg naar Rotterdam. Gelukkig zit het verkeer mee en heb ik telefonisch contact met de geduldige begeleider die Meda onder haar hoede heeft. Na anderhalf uur kan ik haar overnemen en vertrekken we richting Frankrijk. Na een kwartier zeer verbaasd om zich heen gekeken te hebben gaat Meda liggen en valt ze in slaap. Het is ook nogal wat: ’s ochtends vanuit Spanje naar Nederland en daarna naar Frankrijk. We komen rond half acht aan, samen met twee gasten. Dit weekend is het nog druk maar de komende week heeft Monique tijd om Meda aan haar, haar nieuwe roedel en het terrein te laten wennen. Ik ga nog een paar dagen terug om op school zaken af te ronden. Dan is het gelukkig vakantie! Ik steek bij Hazeldonk de grens over tussen het vakantieverkeer, naast ons rijdt de Thalys. Onderweg zou ik nog wat laatste boodschappen meenemen maar via de radio (Studio Brussel) kom ik erachter dat het vandaag, 21 juli, een Belgische Nationale feestdag is. Iets met de koning en Brussel. En inderdaad, als ik de snelweg afkom zijn de supermarkten dicht. In Beaumont vind ik nog een klein winkeltje dat tot 12.00 uur open is dus ik kan nog net wat, veel te dure, spullen scoren. In Le Tambourin is Meda inmiddels aardig gewend en heeft Arnoud een tegelvloertje in de blokhut gelegd die trekkershut moet worden. Samirah en Mario verblijven het eerste weekend van de vakantie bij ons en ook gasten komen en gaan. De komende twee weken hebben we aaneengesloten gasten over de vloer. Super! We bezoeken uiteraard weer wat brocantes en ik maak met Samirah een mooi rondje door de streek op de racefiets. De eerste week verblijven er twee Portugese Podenco’s bij ons, Lupa en Mellow. Met hun Belgische baasje. Ze maken stevige wandelingen en genieten. Voor ons wordt het tijd om het schilderwerk aan de blokhutten op te pikken. We moeten even over het dooie punt heen maar als we eenmaal bezig zijn is het wel weer heel rustgevend. Maar omdat de zon schijnt, en de huisjes wit worden, trekt het schilderwerk veel vliegjes aan. Die zijn al heel snel voorzien van witte vleugeltjes en storten ter aarde. Meda houdt steevast, rond het middaguur, een siësta. Maar als ze buiten loopt ontwaakt haar jachtinstinct. Ze is inmiddels al met drie egels aan komen lopen die ik dan weer netjes met een schep buiten de poort zet. Ook is ze al trots binnen komen wandelen met een gevangen woelmuis. We hebben twee Belgische gasten op bezoek met een Golden retriever. Dat zijn waterhonden en als we aan ons drankje zitten horen we een plons. De Golden retriever ligt languit in de lozing van de septictank en is voor de helft zwart en nat. In overleg dekken we dit ‘slootje’ af met metalen platen en wordt de hond schoongespoten en afgedroogd. Omdat we veel Belgische gasten hebben spreken we de taal al aardig. ‘In een proper kleedje op restaurant gaan en een spuitwater bestellen’ betekend bijvoorbeeld dat je in een schoon truitje naar het restaurant gaat en een Spa rood wil hebben. Wij begrijpen dat inmiddels, zeker en vast! Net op het moment dat er nieuwe gasten arriveren zien we Meda, aan de verkeerde kant van ons hek, de benen nemen. Ik neem de gasten onder mijn hoede (willen jullie wat drinken?) en Monique gaat samen met de Belgische gaste en de Golden retriever op zoek. Als ik later help zoeken, en Mitzi achter de poort staat te blaffen omdat ze niet mee mag horen we dat Meda terug is. Waarschijnlijk is ze afgekomen op het geblaf van Mitzi. Ze heeft wel door een koeienvlaai liggen rollen dus ook zij gaat onder de sproeier. Omdat ze tijdens haar ontsnapping haar halsband is verloren weten we waar ze onder het hek door is gekropen. De volgende dag lopen we de omheining na en herstellen met betongaas eventuele ontsnapplekken. Op zondag gaan we op tijd naar een leuke brocante. Om een uur of half twaalf zijn we rond en gaan we een drankje doen en een frietje eten. Althans, dat is het plan. De drankjes heb ik vrij snel te pakken maar de friet wordt nog een heel gebeuren. De dames die de bonnetjes verkopen zijn nog druk doende alles klaar te zetten. Dat is lastig want het waait best wel hard en de papieren bonnetjes zijn daar zeer gevoelig voor…. Uiteindelijk heb ik een bonnetje en mag aansluiten bij het buffet. Ook daar is nog niet alles in gereedheid en lopen er zo’n acht man door elkaar. Even verderop wordt het vlees gebarbecued. Uiteindelijk gaat er eten ‘ingeschept; worden. Maar nog niet voor ons. Dit is een bestelling om weg te brengen. Aan de hoeveelheid bakken die klaar staan voor de bestelling maak ik op dat dit nog wel even kan duren. Na een halfuurtje zijn wij (de rij) aan de beurt. De mevrouw voor me heeft 1 bakje friet. Maar de sausen zijn er nog niet dus we moeten even wachten. Wanhopig kijk ik naar Monique, die op het terras zit. Dan krijg ik m’n friet met worst. Mijn biertje is inmiddels lauw en dood maar de friet en worst smaken gelukkig goed… Net op het moment dat er nieuwe gasten aankomen staat ook Arnoud voor de poort. Dit keer in zijn functie als meteropnemer van het water.  Nu we in bedrijf zijn hebben we gemerkt dat de situatie op Le Tambourin van totale rust ineens om kan slaan in flinke hectiek. Monique richt zich op de gasten en ik loop met Arnoud mee. Hij vind het waterverbruik erg hoog. Ik wijs op het zwembad en zeg dat we veel gasten hebben maar dan nog is 100 kub meer als vorig jaar teveel. Als we goed kijken zien we dat de watermeter loopt, terwijl er nu niemand in het huis is. Merde, we hebben weer een lek. En het zal toch niet zo zijn dat de hoofdleiding opgegraven moet worden. Midden in het seizoen. We gaan binnen kijken. In de badkamer horen we zacht geruis. Iets wat ik al eerder had opgemerkt maar niet thuis kon brengen. Als we de plek waar het water het huis binnenkomt vrij hebben gemaakt zien we de lekkage. De oude hoofdkraan lekt en het water is onder het huis weggestroomd. Waarschijnlijk al vanaf april. Ondanks de te verwachten hoge waterrekening ben ik blij dat het terrein niet open hoeft. We spreken af dat Arnoud de volgende dag langskomt met een nieuwe kraan. Die dag gaan we Meda overschrijven op ons adres in Frankrijk. Ze is gechipt maar als ze nu wegloopt, en ze vinden haar, staat ze nog geregistreerd in Spanje. In Nederland is dit een (gratis) formaliteit maar hier gaat het natuurlijk op z’n Frans. We zijn snel aan de beurt en Monique legt uit wat de bedoeling is. Dat wordt begrepen. Daarna krijgen we het, in rap Frans, protocol uitgelegd waarvan we alleen het eerste deel begrijpen. Maar de assistente gaat het in orde maken en wij geven Meda’s paspoort af. We mogen plaatsnemen en zien de assistente druk typen op wel twee verschillende computers. En we horen een printer ratelen. Er komt nog een assistente en een dierenarts bij en er wordt overlegt. Af en toe krijgen wij een vraag, zoals wat voor ras Meda is. Ik schat inmiddels in dat dit niet gratis is… De dierenarts komt de uitgeprinte stapel papier halen en we mogen mee. Ook nu krijgen we weer allerlei vragen en leest de arts de printjes (en alle kopieën) zeer zorgvuldig door. Meda wordt medisch gecontroleerd en gelukkig is alles goed. Alle formulieren krijgen een officiële stempel en een handtekening. Bij de balie moet Monique nog tekenen en wordt uitgelegd wat er allemaal met het papierwerk moet gebeuren. Maar gelukkig neemt de assistente zelf het e.e.a. voor haar rekening. Ons wordt op het hart gedrukt dat we één kopie héééél goed moeten bewaren en de brievenbus in de gaten moeten houden. Nu alleen nog even € 45,- afrekenen….. Aan het einde van de dag komt Arnoud de hoofdkraan vervangen. Die zit aardig in het beton gegoten, onderin het keukenkastje. Ik zou zelf niet weten wat er mee aan te moeten maar al snel komt de Hitachi uit de auto. Horen en zien vergaat je even maar de kraan komt los en onder een hoop gekreun en gezucht lukt het, in een onmogelijke hoek, de nieuwe kraan aan te sluiten. We bedanken Arnoud en wensen hem een fijne vakantie. Al hebben we liever niet dat ie op vakantie gaat…. Inmiddels zijn vrienden, en vaste gasten, Kees en Marijke aangekomen. Met Kees ga ik een lekker stukje fietsen. Als we voldaan terug komen zijn er alweer nieuwe gasten gearriveerd. Ik stel me voor en ga eerst even douchen. Monique is nog boven met de kamers bezig. Net als ik m’n wielrenschoenen uit heb komt Marijke me waarschuwen: Meda loopt op het weiland. Ik schiet in mijn slippers en ren naar buiten. Sebas, de zojuist aangekomen gast, komt van de boerderij en helpt direct mee. We zetten twee ladders over het hek om op het weiland te komen. Sebas gaat het bos in en ik loop verder op het weiland. Ineens komt Meda aangerend en schiet langs me weer weg de bocht om. Ik sein Sebas en we gaan die kant op. Monique is inmiddels buiten en probeert de Mitzi-blaftruck in gang te zetten. Ze loopt de poort uit en laat Mitzi achter. Dan zien we Meda bij het huis van Jacques. Ze heeft daar gedronken en is hijgend gaan liggen. Achter het huis van Jacques lopen de kippen vrij rond….. Monique heeft haar echter op tijd te pakken. Phoeff! Via de mail hadden we begrepen dat Sebas en Daniëlle eerder die week getrouwd waren en bij ons op huwelijksreis zijn. Dat moet gevierd worden met Champagne! Als we buiten aan tafel zitten zet ik de glazen klaar. Meda kan niet meer ontsnappen want die ligt veilig vast met een riem aan de tafelpoot.... Als ik de fles open en de kurk knalt schrikt Meda zo dat de glazen omgaan en er een karaf met water omvalt. De karaf leegt zich in mijn bord met een salade met knapperige croutons. Terwijl ik de glazen overeind zet raapt Monique de scherven van een gebroken glas op en giet Kees mijn voorgerecht af. Mijn croutons zijn niet meer knapperig maar gelukkig brengen scherven geluk…… In het tweede weekend wordt Marley gebracht. Marley is een jonge Duitse pincher en komt vier weken logeren. Ze is al eerder geweest toen ze zes maanden was, nu is ze ruim vier jaar. Maar nog steeds even enthousiast. Samen met de andere honden rent ze rondjes om het huis. We hebben een druk weekend: drie kamers bezet en een campertje op het terrein. Op zondag gaan alle gasten naar de brocante in Aouste (het is prachtig weer) en slagen ook allemaal met leuke spullen. Wij gaan ook even en kopen o.a. buitenlampen en deuren voor het sanitair gebouwtje. ’s Avonds kijken de vrouwelijke gasten, in de serre, naar de finalen van het EK vrouwenvoetbal. Meda is weer op jacht geweest en deze keer is haar vangst een mol. Zielig, maar ik wordt een beetje gek van alle molshopen op het terrein, dus vindt het wel goed. Zo
gauw ik de kans heb de mol van haar af te pakken (moet je sluiks doen) kieper ik hem in de compostbak. Een kwartier later komt ze echter weer met een mol aan. Dat gaat lekker zo. Maar als ik naar buiten loop zie ik dat de deksel van de compostbak eraf is…. Omdat het zo lekker druk is produceren we ook veel afval. En omdat we ’s winters niet, of minder, in Le Tamourin zijn hebben we een iets te kleine container. Huisvuil mag je echter niet storten bij de déchèterie. Daar hebben we het volgende op gevonden: we doen onderin een niet transparante puinzak twee vuilniszakken en doen daar bovenop wat puin. Weggehakt beton uit het keukenkastje, lege verfblikken e.d. En die brengen we naar de stort. Werkt prima. Vandaag hebben we even een dagje ‘vrij’. Al is Monique wel druk met de kamers want het weekend zitten we weer vol. Ik schilder wat en heb even de tijd om ‘De stand van zaken’ bij te werken.  Ondanks dat we hard moeten werken om Une Chance de la France draaiende te houden, genieten we elke dag. We zien uit naar de rest van de zomer en de gasten die nog komen gaan!

Juli 2017

Op koningsdag hadden we pannenbier! Ook van het tweede huisje hadden we het hoogste punt bereikt. We begonnen de meivakantie met leuke gasten en veel honden. O.a. een Flatcoated Retriever en zes Podenco’s. Heel gezellig allemaal. In de loop van de vakantie zijn Monique en ik het pakket met de twee huisjes open gaan maken en moesten alle onderdelen op hun plek gelegd worden. Het huisje voor het sanitair vlakbij en het huisje wat trekkershut moet worden wat verder weg op het terrein. Om beurten namen we een heel pakket latten onder de arm en gingen op weg. De latten hadden echter halverwege de neiging een soort waaier te vormen en, ik kan je vertellen, dat loopt niet lekker… Dakbedekking e.d. gingen in de kruiwagen en na een middag zwoegen lag alles netjes op z’n plaats. Later komen we er natuurlijk achter dat de onderdelen waarmee je moet beginnen, onderop liggen… Samen beginnen we, met frisse moed en tussen de bedrijven door, aan het sanitairgebouwtje. Elke dag een beetje en na een paar dagen staat het huisje. Op de dakbedekking na. Linda en Charly (buren/vrienden) arriveren op donderdagmiddag en net op dat moment komt er een dreigende wolk aan en steekt er een gemeen windje op. Met z’n vieren lukt het een zeil over het dak te trekken en vast te maken. Net op tijd… Als de bui overgewaaid is beginnen Charly en ik vast met de dakbedekking. Dat maken we de volgende dag af waarna we overgaan naar het tweede huisje. Tussendoor zijn we verplicht te pauzeren want er komt weer een bui over. We maken van de nood en deugt en lunchen met de huisgemaakte gehaktballen van Linda (erg lekker!) en een biertje. Na een uurtje kunnen we weer verder. Het lukt ons, om voor het vertrek van Linda een Charly, beide gebouwtjes te hebben staan. Als ze weer richting Almere gaan met de camper blikken we terug op een paar dagen met veel hulp en gezelligheid.

In de tweede week van de vakantie rijden we naar de Brico in Charleville en halen daar vloertegels en lijm. Ligt dat maar vast klaar. En vanaf nu is ons speerpunt: schilderen. Er zitten aan zo’n huisje (met luifel) best veel hoekjes, kieren en gaten. En een binnen- en een buitenkant. Dat wordt dus nog een hele klus. Gelukkig lukt het ons, voordat ik weer terug moet naar Almere, de hele boel in de grondverf te zetten. In ieder geval bescherming tegen het klimaat. En ook het zwembadje staat er inmiddels weer. Na de meivakantie wordt het voor mij pendelen. We hebben best veel mensen over de vloer (gelukkig!) dus er moet aangepakt worden. Monique runt de boel doordeweeks in haar eentje, maar in het weekend kunnen we de taken verdelen. Het is super gezellig met bekende en ook nieuwe gasten. Tijdens het Pinksterweekend hebben we een Franse familie te gast. Zij hebben een bruiloft in een verderop gelegen dorp. Twee dames komen ’s middag de situatie verkennen en de kamers bekijken. Er wordt vast besloten dat oma van 84 beneden slaapt en ook de andere bedden worden verdeelt. De rest van de familie is al op de bruiloft dus na de inspectie gaan de dames ook die kant op. We laten ’s avonds de poort open en het buiten- en ganglicht aan. Om half vier horen we zacht gestommel op de kamer. Pas ’s ochtends bij het ontbijt ontmoeten we de gehele van de familie. Die onder de indruk is van onze plek ‘op de campagne’ en de daarbij behorende rust. We nemen hartelijk afscheid van elkaar. De honden die ons bezoeken zijn weer van diverse merken. Zo is er een Schotse Deerhound (wordt Monique verliefd op, ik was er op dat moment niet…), een Dalmatiër, een kruising Groenendaeler-Bordeauxdog en komt ook Belle (witte herder) een paar dagen logeren. Van het weekend halverwege juni maken een familieweekend. Met opa en oma, Marvin (zoon) en Dominique (schoondochter). Kortom, het is dit voorjaar een drukte van belang in Le Tambourin. Inmiddels gaan we langzaam maar zeker richting de zomer. En kijken we nu al vooruit naar een heerlijke zomervakantie!

Februari 2017

Beton! Dat is het stevige thema van deze voorjaarsvakantie. Voor het buiten storten van beton moet het goed weer zijn. Een beetje Noord-Franse miezer is geen probleem maar het mag niet te warm zijn (in februari is daar ook weinig kans op) maar het mag ook zeker niet vriezen. En we hebben net twee weken met behoorlijke nachtvorst achter de rug. De weersvoorspellingen zijn echter goed. Het gaat dooien. Dus een week van te voren maken we, telefonisch, een principeafspraak met Arnoud, onze Franse werkman: de eerste zaterdag van de vakantie gaan we beton storten. Er moeten drie plateau’s op het terrein komen. Eén voor een sanitairgebouwtje, één voor een trekkershut en één voor een terrasje.

We vertrekken vrijdag al richting Frankrijk. In de brievenbus ligt een brief van de République Française. Dat betekend meestal betalen. Zo ook deze keer. Omdat we de belastingaanslagen in onze Franse brievenbus krijgen zijn we vaak te laat met betalen. En ontvangen we een ‘naheffing’. Toch maar een keer een briefje sturen met het verzoek de aanslagen naar Nederland te sturen…… Als we het terrein oprijden vallen er een aantal zaken op: er is behoorlijk wat stormschade, al blijft dat gelukkig beperkt tot een aantal omgewaaide bomen. Verder is er op de drie afgegraven plekken al bekisting aangebracht voor het storten van het beton. En er ligt een enorme berg zand/kiezelmix en twee pallets met zakken cement. We gaan het huis inspecteren. Binnen ziet het er goed uit. Op de zolderkamers is er echter schade aan de waterleiding. Er zijn er toch weer een paar gesprongen door de vorst. Gelukkig hebben we per kamer een hoofdkraan dus die laten we lekker dicht. En we hebben deze vakantie gelukkig nog geen gasten op de zolderkamers. Als we de eend uitgeladen hebben, en alles is weggestouwd, staat Arnoud voor de poort. Er moeten nog wat voorbereidende werkzaamheden voor zaterdag worden gedaan. O.a. het ingraven van een pvc-afvoerpijp en wat leidingen voor water en elektra. Binnen tien minuten staan we met z’n drieën met een schep in de modder te graven. ’s Avonds zijn we rozig en na een hapje eten voor de houtkachel liggen we er op tijd in.

De volgende ochtend staan we vroeg op. Het is perfect betonweer! Arnoud staat om 7.30 uur voor de poort met een enorme ‘bétonnière’ achter z’n auto. Direct daarna arriveert zijn maat in een grote vierwiel-drive. Ik wijs Arnoud op de buitenstopcontacten maar dat is niet nodig: het gevaarte loopt op benzine. We gaan eerst nog even snel ontbijten want betonstorten moet je niet op een lege maag doen. Stipt om 8.00 uur meld ik me bij de werklui. Ik krijg instructies. Eerst gaat er water in de betonmolen. Dan per persoon (we doen dit mengwerk met z’n tweeën) vijftien scheppen zand. Dan een zak cement van 25 kilo. Dit hele ritueel wordt daarna herhaalt. En dan heb je zo’n vijf kruiwagens met beton. Die gaan richting Arnoud die de verdeling voor zijn rekening neemt. Overigens: vijf kruiwagens beton lijkt veel maar als je ze stort zie je ze dus niet meer terug. Het aanmaken van beton zal zich vandaag nog eindeloos herhalen….. In de loop van de ochtend is het plateau voor het sanitairgebouwtje klaar. De betonmolen wordt uitgezet en er daalt een heerlijke stilte over Le Tambourin. Je hoort de vogels weer. Voor het volgende plateau, bovenaan tegen het hek, is een aanvalsplan bedacht. De molen wordt met de vierwiel-drive over het terrein gereden en zo opgesteld dat we het beton zo uit de molen kunnen laten lopen. Geen kruiwagens dus, deze keer. Er wordt wat afgewaaid golfplaat van het schuurtje verzameld en daar wordt een soort beton-glijbaan van gemaakt. Nu moet er zand en cement naar boven. Er wordt een dubbel-assige aanhanger vol geschept met zand en daar gaan een paar zakken cement op. De aanhanger wordt aan de vierwiel-drive gekoppeld en gaan maar. Dat gaat acht meter goed maar dan vreet de auto zich in het drassige terrein. Ook de aanhanger is tot de assen in de grond verdwenen en wordt weer afgekoppeld. Met z’n drieën bekijken we de situatie. Er worden sigaretten opgestoken en gevloekt. Putain! De aanhanger wordt afgekoppeld en nu krijgen we de auto weer van z’n plek. Met sjorbanden wordt de aanhanger gedraaid en we gaan nu een andere kant oprijden. Deze route gaat wel ten koste van een stuk hek en twee rozenstruiken, maar we moeten wat. Na een half uurtje ploeteren staat de aanhanger op z’n plek en is het terrein veranderd in een soort maanlandschap. Maar goed dat we geen gasten hebben. Na de zoveelste keer vijftien scheppen zand in de molen te hebben geschept (het cement laat ik aan Arnouds maat over…) begin ik me af te vragen of het niet eens tijd wordt dat de mannen een hapje gaan eten. En ik ook. Gelukkig komt er een koelbox en twee stokbroden uit de auto en gaat er geluncht worden. Ik schuif binnen aan bij Monique en krijg amper m’n stokbroodje van m’n bord. Al na een uur gaan we verder. Eerst wordt de betonmolen afgetankt. Een omgekeerde lege Colafles dient als trechter en de benzine komt uit een 20 liter jerrycan. Dit alles gebeurd uiteraard gewoon met een peuk in de mondhoek. Er komt hulp: een derde, ook stevig rokende, maat. Bij het scheppen van het zand laat ik hem graag voorgaan en begin ik, met een soort pikhouweel het terrein weer een beetje te fatsoeneren. Als laatste wordt het terrasje gemaakt. Alle spullen moeten dus weer terug naar ‘beneden’. De berg zand en cement slinkt gestaag. Rond een uur of vier komt Monique langs met bitterballen. Dat vinden de werklui heel bijzonder: zo’n ronde kroket. Arnoud laat het er bij één (beaucoup de poivre èh?) maar de andere twee werkmannen eten lekker door. Als alles, aan het einde van de middag een beetje opgeruimd en schoongespoten is, drinken we een biertje. Op dat moment arriveren  Arjan en Betty, collega-vrienden, op weg naar de Morvan. Ze komen een overnachting maken en hebben de honden Sep en Moos mee. We nemen, met de gebruikelijke pakken stroopwafels, afscheid van de werklui en de optocht van auto’s met diverse aanhangers rammelt het pad af. Wij gaan binnen wat drinken. ’s Avonds eten we gezellig kaasfondue en na een lekkere douche roept het bed.

Na het ontbijt zetten Arjan en Betty hun reis voort. Net voor hun vertrek komt Arnoud aan. We inspecteren het werk van gisteren en Arnoud vraagt of ik lekker geslapen heb….. Ook bekijken we de situatie op de zolder. Arnoud had al gewaarschuwd: er zijn een aantal leidingen die niet aflopen en waar dus water in blijft staan. En dan is één graad vorst genoeg. Hij zal de komende tijd (hij heeft de sleutel) de boel herstellen en aftapkraantjes aanbrengen. Waar zouden we zijn zonder deze man? We rekenen de kosten van de werkzaamheden af en krijgen de factuur van het materiaal. ’s Middags rommelen we lekker buiten. Het is heerlijk weer en Monique begint met het repareren van de hekjes en het oplappen van de rozenstruiken. Verder worden de bladeren van de terrasjes en het parkeerterreintje weg geharkt. Ik ga één van de omgewaaide bomen te lijf met de kettingzaag. Uiteindelijk gaan we even langs bij Jacques, de buurman. We brengen de emballage van de zelfgemaakte appelsap terug en geven hem hyacinten en stroopwafels. Monique krijgt van Jacques het Brocante-gidsje van 2017 en we krijgen een zak verse eitjes mee. Maandag staan we op met dichte mist. We doen ons vaste rondje in Hirson. Op de markt kopen we een gegrild kippetje en in onze vast kroeg drinkt Monique koffie en ik een Leffe blond. Heerlijk! Daarna boodschappen doen. Ik heb o.a. power-tape nodig. De wasdroger lekte n.l. water en nadat ik hem open gemaakt had zag ik dat er een stuk slang tegen de trommel aanliep. Daardoor was de slang gaan lekken. Ik had een mooi stukje pijp gevonden om dit euvel te verhelpen, maar dat moet dan wel vast gezet worden met stevig tape. Bij McDonalds checken we onze mail en daarna snel naar huis. Aldaar wordt de droger gerepareerd en kunnen we weer wassen en drogen. Dinsdag is ‘kleine-klusjes-dag’. Binnenklusjes want het regent. ’s Middag kruipen we voor de houtkachel, zetten de tv aan en kijken een DVD-tje. Beetje luieren en vakantie houden.

Woensdag is weer een spannende dag: vandaag worden de blokhutten afgeleverd. Geen idee hoe dat gaat. Durft de chauffeur met de vrachtwagen het karrespoor op? Gedurende de dag doen we nog wat klusjes en turen af en toe het pad af. Maar nog geen huisjes. Om 16.30 uur besluiten we de leverancier te bellen. Die geeft ons het nummer van de transporteur. Als we die spreken blijkt dat de huisjes morgen pas komen. Oké, flexibel als we zijn (geworden) berustten we hierin. Hoe laat morgen? In ieder geval na 12.00 uur. Donderdag staan we vroeg op want we willen voordat de huisjes komen nog even naar Charleville heen en weer. O.a. een internetkaart halen zodat we thuis nog even de mail kunnen checken. Als we aan het ontbijt zitten gaat de telefoon: de rit gaat voorspoedig en de chauffeur verwacht er rond 11.00 uur te zijn. Ook goed, dan gaan we in de middag naar Charleville. Even na elven zien we ‘iets’ het pad op rijden. Het blijkt een vorkheftruk te zijn met een enorm pakket: onze huisjes. Bij de splitsing twijfelde de chauffeur even maar als ik zwaai draait hij onze kant op. Het enorme pakket wordt in het gras gezet en we bieden koffie aan. Binnen horen we dat de huisjes al een hele reis door Frankrijk achter de rug hebben. En dat de vrachtwagen in het dorp staat. Het hele stuk van het dorp naar Le Tambourin is afgelegd met de vorkheftruck. Als alle documenten zijn getekend vangt de chauffeur de terugreis aan en dekken wij het pakket af met zeil. Op naar Charleville! Bij de SFR-winkel halen we twee internetkaarten (recharge) voor een week. We winkelen wat en doen boodschappen. Terug in Le Tambourin wil ik één van de internetkaarten activeren. Dat lukt niet: i.p.v. een keuzemenu te bellen moet je nu een code sms-en. Maar dat kan niet met het apparaatje (webtrotter) dat wij hebben… We worden ietwat wanhopig. Waarom wordt iets dat goed werkt veranderd? We proberen de SFR te bellen maar dat is kansloos. Ook de winkel in Charleville is niet bereikbaar. We worden knap chagrijnig. Dit is geen leuke ‘uitdaging’. Als we uitgemopperd zijn besluiten we de volgende dag terug te gaan naar de winkel. En we maken meteen een afspraak bij het Office de Tourisme. We willen onze chambre d’hôtes toch langzaam maar zeker wel laten registreren. We kunnen om 11.00 terecht.

De volgende dag stappen we om 10.30 uur de SFR-winkel binnen en leggen het probleem uit. Wat er dan gebeurt is niet meer te reproduceren. Er worden simkaarten verwisseld, de balie ligt vol met internetkaarten, aankoopbewijzen en documenten met codes. Heel veel codes. En er komen drie verkopers aan te pas. Ik zie de bui al hangen en bel om 11.00 naar onze afspraak: het wordt iets later. Pas de problème gelukkig. In de SFR-winkel wordt stug doorgeploeterd. Als ik vraag waarom het ‘protocol’ van opwaarderen veranderd is krijg ik geen duidelijk antwoord. Met een vaste telefoon wordt er druk gebeld met de SFR. Alle codes en nummers die we hebben worden doorgegeven. Maar zonder resultaat. Uiteindelijk lukt het de verkoopster een kaart op te waarderen. Maar wel een maandkaart van € 35,-. En we gaan morgen terug naar Nederland… De verkoopster glimlacht verontschuldigend. De twee weekkaarten die ik heb gekregen blijken niet de juiste te zijn. Terwijl ik toch duidelijk aangegeven had wat ik moest hebben. Ter compensatie krijgen we een nieuwe simkaart (jippie, nog één!) en instructies hoe die te activeren. We kijken de verkoopster wazig aan...

Een half uur te laat verschijnen we op onze afspraak bij ‘Agence de Développement Touristique des Ardennes’. Bij een uiterst vriendelijke en behulpzame dame. Ze neemt ons mee naar een apart kamertje op de tweede verdieping en er verschijnt een enorme map met de titel: ‘Hoe kamers te verhuren’. Het is een heel boekwerk maar geduldig en in rustig Frans wordt alles doorgenomen. We schatten in dat we 50% opgepikt hebben. Bij zaken die echt belangrijk zijn komt een kruisje te staan. Na een half uur gaan we weer naar beneden en krijgen een tas vol met toeristische informatie mee. Superlief. Waar is dat pak stroopwafels als je het nodig hebt?

Terug In Le Tambourin nemen we ons voor: die 4 gigabyte moet er nog doorheen. We beginnen stevig te mailen, te facebooken en filmpjes te uploaden. Aan het eind van de middag komt Arnoud langs om de bekisting van de betonnen plateaus te verwijderen. Heel belangrijk daar bij is de schep. Daarmee wordt gehakt, gehamerd, gestoken, gewrikt en uiteindelijk dient de schep als hefboom. De grond rondom de plateaus wordt enigszins geëgaliseerd. We maken wat afspraken omtrent het herstellen van de waterleiding en Arnoud vertrekt weer. In de loop van de avond komen Arjan en Betty langs. We eten Franse uiensoep, drinken een glas wijn en nemen de afgelopen week door. Als ze na het ontbijt weer huiswaarts gaan hebben wij nog wat te poetsen. Maar dat gaat vlot. Het zonnetje is inmiddels heerlijk gaan schijnen, de vogels zijn druk aan het kwetteren en in de dorp komen de sneeuwklokjes tevoorschijn. We kunnen niet wachten op de lente en zien uit naar het komende seizoen!